Je luistert naar een prachtig pianoconcert van Mozart en je vindt de uitvoering echt schitterend. Zelf pingel je meestal maar wat op de piano, maar door dit luisteren wordt je enorm gestimuleerd door een dergelijk fenomenale uitvoering. Je gaat achter je piano zitten en zonder problemen en weerstand ga je aan de studie en probeert het gehoorde na te spelen.
Je begint met hardlopen en voortdurend zie je allerlei mensen om je heen die je schijnbaar moeiteloos voorbij "rennen". Je verbaast je over het gemak en bewondert hun stijl, het ziet er zo gemakkelijk uit. Wat je ook doet, je voelt jezelf maar wat aanmodderen en gefrustreerd stop je met lopen.
Soms laat men zich inspireren en soms laat men zich ontmoedigen door een lichtend voorbeeld. Belangrijk is voor ogen te houden dat ook talenten moeten trainen, niemand komt vanzelf op grote hoogte. Het traject dat men moet afleggen om daar te komen is vaak niet zichtbaar en zal ook zo zijn ups en downs hebben. Wat wel zo moet zijn, is dat een ieder toch lol in het gene wat hij of zij doet moet hebben, onafhankelijk van wat een ander doet. Heb je dat niet dan is het gene wat je wilt doen erg lastig vol te houden. Dus trek je op aan een ander, maar vergelijk met jezelf! Een leuke uitspraak, maar kan men hiermee genoeg uit de voeten?
Stel nou dat je een keertje heel erg lekker hebt gelopen, je zweeft als het ware boven de grond, het kost je geen moeite en je gaat voldaan naar huis. De daarop volgende keer gaat van geen kanten, je loopt te hijgen als een bejaard karrenpaard en het lichte briesje voelt als een stevige storm waartegen je moet vechten. Het is dan bijna onmogelijk om dan niet met je vorige loopje te vergelijken. De uitspraak blijft dan nog steeds staan, want omdat jij het was die zo lekker liep, weet je zeker dat het mogelijk is. Je kunt je nu dus optrekken aan jezelf. Bij de volgende oefening trek je niet op aan jezelf, maar duw je jezelf op:

-Leg je armen langs je lichaam.
-Trek je knieën op en zet je voeten plat neer op de grond.
_Duw nu je heupen omhoog zonder je armen te gebruiken, deze blijven ontspannen naast je liggen.
-Duw je zover uit dat er geen knik meer bij je heupen zit, je bovenbenen lopen dus gelijk aan je romp.
Werk ernaar toe dat je makkelijk deze houding 2 minuten kunt vasthouden.
Uitbreiding:
Herhaal de bovenstaande oefening, maar strek dan één been, deze moet mooi in het verlengde van je romp zijn en parallel aan het bovenbeen van je standbeen blijven.
-Let er goed op dat je armen nog steeds ontspannen naast je liggen.
-Wissel af van been en probeer iedere kant 1 minuut vol te houden.
-Werk naar 3 x 1 minuut per kant. Let op: als je net begint, kan er kramp in je hamstrings (achterkant bovenbenen) schieten. Strek dan direct je benen en ga rechtop zitten.
Trekt de kramp nog niet weg, ga dan heel voorzichtig met je vingers richting tenen. Zorg ervoor dat je spieren altijd warm zijn en blijven en dat de grond niet te koud is. Succes!!
Kay Bing Oen