Welke ondergrond past bij jou?

Welke ondergrond past bij jou?

Elke ondergrond heeft zo zijn eigenschappen. Op glimmend asfalt stuif je naar voren, niet gehinderd door welke oneffenheid dan ook.  Op het asfalt ontbreekt het overigens wel weer aan ‘natuurlijke demping’.  Iets dat je wel vindt bij het lopen door het mulle duinzand. Hier is het hard werken geblazen, maar dat betekent wel een enorme boost voor je beenspieren.

Met verschillende eigenschappen per ondergrond, zou je ook je schoeisel en training per ondergrond kunnen aanpassen. Volgens veel experts is het overigens het beste om je trainingen te variëren. Zo stelt dit artikel dat hardlopen een enorm repetitieve beweging is. Daardoor liggen blessures op de loer. Als je de terreinen waarop je traint afwisselt, kun je dit risico verminderen.

Asfalt
Waarschijnlijk worden de meeste kilometers gemaakt op het asfalt. Lopers willen graag beginnen zodra ze de voordeur uitstappen en veruit de meeste wegen in Nederland zijn nu eenmaal gemaakt van asfalt of klinkers. Met lopen op asfalt weet je precies wat je kunt verwachten, dus kun je ook een prachtig trainingsplan maken met afstanden en streeftijden die je tot op de seconde nauwkeurig berekent.

Voor tempo-lopen of gecontroleerde interval-trainingen is dit dus een heerlijke ondergrond. Let wel op dat er weinig harder is dan asfalt en je gewrichten dus keer op keer een klap krijgen. Daarom is het bij lopen op asfalt superbelangrijk dat je de juiste schoenen met de juiste demping draagt. Dat hoeft overigens niet te betekenen dat je automatisch een heel dikke zool nodig hebt. Nee, dat is afhankelijk van je techniek en van wat jij het lekkerste vindt lopen. Laat je daarom bij de aanschaf van je schoenen goed adviseren en koop niet zomaar lukraak een paar schoenen omdat ze er zo hip uitzien.

Bos/gras/zand
Voor veel lopers die wonen bij bos , strand of hei is hardlopen niet hun enige sport. Nee, ze maken er ook een sport van om verharde paden te vermijden. En gelijk hebben ze. In alle stilte draven over bospaadjes of gewoon over grasvlaktes of het strand is natuurlijk ultiem. Allereerst omdat dit betekent dat je verzekerd bent van ‘uitlaatgasloos’ rennen, maar ook omdat dit vaak gelijk staat aan rennen door de mooiste natuur.

Hou er rekening mee dat je loopt door paden vol oneffenheden: kuilen, boomstronken, plassen en andere obstakels. Dat betekent dat je voeten voortdurend aan het corrigeren zijn, waardoor je weer je enkels traint. Zorg dus voor een schoen die je voeten goed beschermt. Barefoot-runners kunnen het in het bos extra lastig hebben. Zij voelen namelijk elk takje onder hun voeten. Voor hen is het strand natuurlijk een perfecte plek om te rennen (tenzij er heel veel schelpen liggen).

Draaien, inhouden, versnellen
Van al dat draaien, inhouden, versnellen, omhoog en omlaag gaan train je ook nog eens die zo belangrijke ‘core’. En een natuurlijke omgeving is ook een omgeving waarin je heuveltjes zult hebben. Pak die zo veel mogelijk mee tijdens een training.

Tartan
De echte lopers trainen meestal ook bij een atletiekvereniging. Daar is het tartan de baas. Kunststof heeft een lichte vering en is daarom heel erg geschikt voor de baanschoenen en de tempo-trainingen die daarbij horen. Dat zijn schoenen met dunne zooltjes die heel licht zijn. De echte sprinters zullen voor de explosieve trainingen zelf spikes dragen. Dat zijn schoenen met ijzeren puntjes aan de onderkant, waardoor je nog beter af kunt zetten.

Deze schoenen zijn enorm flitsend en wegen zo goed als niets. Op het asfalt heb je er echter helemaal niets aan. Dan breken die spijkertjes af en heb je totaal geen extra afzet.

Sebastiaan Timmermans

Lees meer