Negeer alle stopsignalen van je lichaam

Door
Miriam van Reijen
12 juni 2018 00:00
Negeer alle stopsignalen van je lichaam
beeld Shutterstock
Het liefst zien we ons lichaam als een machine. Rondjes 45 seconden. Geen tienden langzamer dan het gewenste tempo. Maar soms gaat het niet zoals we willen. Dan geeft het lichaam aan wat langzamer te willen lopen of gewoon weg te willen stoppen. Het negeren van deze stopsignalen blijkt echter trainbaar. En wist je dat positieve gedachten hierbij ook een belangrijke rol spelen?

Wat bepaalt je tempo?

Bij een 3000 meter ga je (als het goed is) sneller van start dan tijdens een halve marathon. Vrijwel automatisch en zonder hierbij na te denken. Hoe meer ervaring je hebt, hoe beter je in kunt schatten hoe lang je een bepaald tempo vol kunt houden. Zonder dat je vroegtijdig de strijd moet staken. En zonder het idee dat je bij de finish nog teveel energie overhoudt. Er wordt verondersteld dat ervaren atleten een soort proefdruk in hun lichaam hebben vastgelegd door vaak deel te nemen aan wedstrijden en trainingen. Hierdoor weet je lichaam al bij het begin van een afstand hoeveel energie het nodig heeft om de race succesvol te volbrengen. Het lichaam moet hierbij een inschatting maken van zowel de aerobe als de anaerobe energievoorraad die beschikbaar is.

Van zwaar naar maximaal

Wanneer je te snel start of externe omstandigheden zorgen voor meer energieverbruik (wind, hoge temperaturen) is het moeilijker je optimale tempo te bepalen. Waarschijnlijk zul je ergens in de race je snelheid aan moeten passen. Loop je een vlakke race in een gelijkmatig tempo op je maximale vermogen dan betekent dit automatisch dat het steeds zwaarder wordt gedurende de race vordert. De energie die beschikbaar is om op het beoogde tempo te lopen wordt steeds kleiner terwijl je met dezelfde snelheid wilt blijven lopen. Om een constante race te lopen moet je dus voorbereid zijn op een relatief eenvoudige start met een pittig einde.

In de laatste (kilo)meters, als de beschikbare energie danig in gedrang komt zal de ervaren mate van inspanning (de EMI-waarde die loopt van 1 tot 10) aanzienlijk toenemen. In de ideale omstandigheid zal je EMI van ongeveer 5 (zwaar) aan de start, toenemen tot 9 (heel erg zwaar) of zelfs 10 (maximale inspanning) bij de finish.

Negeren van alle stopsignalen

Het centrale besturingsmodel gaat ervan uit dat je hersenen verschillende fysieke signalen van je lichaam opvangen en interpreteren. Stijgt je temperatuur te veel of loop je kans uit te drogen dan zenden je hersenen het signaal uit om je tempo aan te passen. Hoe zwaarder het wordt, hoe sterker de signalen om je snelheid te laten zakken. En hoe zwakker de wil om tegen het systeem in te gaan. Om deze stopsignalen te negeren lijk je dit te moeten trainen én te moeten zorgen voor een positieve mindset. 

Accepteren van discomfort

Een tegenstander die zij aan zij met je loopt kan je opzwepen tot betere prestaties dan als je alleen had gelopen. Had je het in je eentje wellicht al een beetje opgegeven? Door de tegenstand ben je in staat langer tegen de signalen om af te remmen, in te gaan. Net zoals het trainen van je lichaam, lijkt het of je ook deze reactie op je tegenstander moet én kunt trainen. Laat je een tegenstander de eerste paar keer de kaas van je brood eten? Door vaker met iemand te trainen die je uitdaagt, dwing je jouw lichaam om net dat beetje extra in te zetten. En voorbij te gaan aan alle stopsignalen van je lichaam. Je kunt op deze manier ervaren hoe ver je kunt gaan. Dat het beetje extra wellicht niet leidt tot de gevreesde vroegtijdige opgave.

Train je lichaam en je geest

De training moet dus niet alleen gericht zijn op een goede lichamelijke conditie maar ook op een geest die bereid is te strijden en een mate van discomfort te accepteren. Door blijven lopen dus. Niet alleen als je lichamelijke vermoeidheid voelt maar ook als het stemmetje in je hoofd zegt dat je liever wat langzamer wilt. Er wordt wel gesuggereerd dat je de aatste trainingen voor een wedstrijd vooral gericht moeten zijn op het creƫren van een positieve mindset waarbij je vol vertrouwen kunt kijken naar je eigen capaciteiten. Het idee is dat deze positieve gedachten ervoor zorgen dat je beter opgewassen bent tegen de negatieve gedachten die ontstaan wanneer het steeds zwaarder wordt.
  • Deel dit artikel
  • Facebook
  • Twitter
  • LinkedIn
  • Google+
  • Mail dit artikel:
  • Mail
Auteur
Miriam
Miriam van Reijen
Verplicht Verplicht
Verplicht
  • Nog geen reacties aanwezig.

ProRun loopclinics: Waar & wanner?

Loopkalender

17
augustus