Voor- en nadelen van een tempomaker

Achter twee hazen aan naar een halvemarathon-pr.

Voor- en nadelen van een tempomaker

Achter een haas aan lopen heeft mij in mijn hardlopersleven wisselende resultaten opgeleverd. Dat had in een aantal gevallen meer met mij te maken dan met die haas en een paar keer was het de haas die minder functioneerde, waardoor ik uit mijn ritme raakte. Wat zijn nu de voor- en nadelen van een wedstrijd lopen achter een pacer?

Slipstream

Strak in het wiel van je voorganger zitten, is bij wielrennen een immens voordeel. Fietsend in die slipstream heb je veel minder tegenwerking van wind en andere luchtweerstand. Je hoeft daardoor veel minder vermogen te leveren, zodat je flink energie kunt besparen. Wie zo lang mogelijk in andermans wielen kan blijven fietsen heeft de grootste kans om een wielerkoers te winnen. Dat is bij hardlopen anders. Tenzij het hard waait, is het aerodynamische voordeel van achter je voorganger lopen veel kleiner dan bij fietsen. Het voordeel is er zeker, maar het valt bijna in het niet als je het vergelijkt met het kielzogvoordeel dat je op een voertuig als een fiets hebt.

Er is echter meer te halen dan alleen aerodynamische winst. Het grootste voordeel van een tempomaker – of beter gezegd: tempobewaker – bij hardlopen is mentaal. De energie die het kost om je bezig te houden met het juiste tempo, kun je besparen en gebruiken voor het lopen zelf. Precieze cijfers zijn er niet voor te geven, maar bedenk dat je brein een grootverbruiker van glucose is, precies dat brandstofje dat jij tijdens een hardloopwedstrijd hard nodig hebt. Kun je de hersenactiviteit zoveel mogelijk beperken, dan helpt dat zeker.

Haas kan je redden

Na een een aantal mislukt pogingen, lukte het mij in 2021 om een marathon onder de 3 uur te lopen. Daarbij werd ik geholpen door mijn goede vriend Koen die zich had aangeboden als haas. Bij kilometer 36 begon ik het heel zwaar te krijgen en ik kon me op dat moment niet voorstellen dat het nog ging lukken om voldoende tempo te houden in die laatste zes kilometer. Ik weet haast zeker dat dit ook niet gelukt was als ik niet iemand had bij me had gehad achter wie ik aan kon lopen. Ik hoefde me niet met iets anders bezig houden dan die rug volgen. Ook tijdens mijn pr op de halve marathon, hielp het me enorm dat iemand het tempo hield en dat er weer een lijf was waar ik me – figuurlijk – in vast kon bijten.

Wisselvallige haas

Ik heb het ook wel eens anders meegemaakt. Ooit liep ik achter een tempomaker aan tijdens een Amsterdam Marathon die in de eerste 10 kilometer flink schommelde. We liepen een kilometer die zeker vijf seconden langzamer was dan beoogd wedstrijdtempo en dan weer een aantal die juist zes seconden te snel was. ‘I’m not going to let this guy fuck up my marathon!’, hoorde ik een Brit naast me roepen, voordat hij op eigen houtje verder ging. Interessant punt. Dat je achter een tempomaker aan blijft lopen, terwijl die niet al te vlak loopt, is natuurlijk je eigen verantwoordelijkheid. Natuurlijk, het is vervelend als die tempomaker onderdeel van je wedstrijdplan is, maar voor ons recreanten geldt dat die pacers een service zijn. Een service die wordt uitgevoerd door vrijwilligers die het uit liefde voor de sport doen. Je kunt er geen rechten aan ontlenen en je hebt nergens recht op.

Een ander nadeel van achter een pacer lopen, zeker bij grote wedstrijden, is de drukte die zo’n tempogroep met zich meebrengt. Je loopt vaak dicht op elkaar en bij iedere drankpost is het heel goed opletten om valpartijen te voorkomen. Mij advies is dan ook om lekker achteraan in zo’n groep te gaan zitten, daar gaat het er vaak iets relaxter aan toe. Als jij het goede tempo loopt en je hebt een goede dag, kom je vanzelf steeds iets dichter bij die vlag of dat ballonnetje te lopen, omdat de groep steeds verder uitdunt.

Eigen flow eerst

Niet iedereen heeft tijdens de wedstrijd dezelfde energie-flow. Dat klinkt wat vaag, maar het komt erop neer dat de ene kilometer wat makkelijker gaat dan de andere. Dat is bij geen mens hetzelfde. Tegen die energie-flow in gaan, dus soms iets meer energie leveren dan lekker voelt en soms ‘op de rem’ lopen, kost ook energie. Probeer dan ook altijd in je eigen flow te blijven en stress niet als de pacer ietsje bij je weg loopt. Ga niet forceren om bij die haas te blijven. Het gaat om jouw race en als jullie allebei je taak goed uitvoeren, kom je altijd weer bij elkaar in de buurt.

Een goede haas kan je absoluut helpen om een mooie prestatie te leveren, maar als die haas je meer energie kost dan ‘ie je bespaart, kun je beter op jezelf vertrouwen.

Reageer op dit artikel

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

De beste looptips en inspirerende artikelen elke vrijdag in je mailbox?

Meld je aan voor onze nieuwsbrief en mis niets!

Meer uit Inspiratie