Nachtelijke wandeling over het strand, van Hoek van Holland naar Zandvoort, aan het einde van de zomer. Twee liter water bij me, flink wat te eten en de OV Chipkaart – mijn beste loopvriend – om in geval van nood op trein of bus te kunnen stappen. En een slaapzakje, mochten mijn ogen dichtvallen.
Half zeven laat ik in Hoek van Holland de badgasten achter me. Tegen half elf loop ik Den Haag binnen. Stranden en boulevards vormen van Kijkduin tot en met Scheveningen één grote feesttent. Ik drink een espressootje bij een frietkar, tussen de zatte meiden aan de broodjes frikandel. De Pier ligt donker in het water.
Op weg naar Katwijk steekt de wind op. Het strand wordt verlicht door schijnwerpers die verzamelingen catamarans beveiligen. Achter de duinen lichten de kassen op. In mijn rug straalt Den Haag nog en voor me zie ik de lichten van Noordwijk. Het schuim van de branding lijkt fluorescerend. Het is een misverstand dat het Nederlandse strand ’s nachts donker is.
Om twee uur zoek ik de luwte van een strandtent om even te gaan liggen. Misschien kan ik zelfs slapen. Wat is veiliger: in het donker of in het licht? Achter een muurtje vind ik een ondiepe kuil en ik kruip in de slaapzak. Maar de wind is overal: na vijf minuten zand in mijn gezicht heb ik er genoeg van en sta weer op.
Bij Noordwijk gaat het miezeren. Niet fijn, in combinatie met die wind, en ik loop het dorp in. De weg in de bungalowwijk loopt af en als ik vlakbij een T-splitsing ben, zie ik van rechts een hond komen. Nee, ik weet eigenlijk meteen dat het geen hond is. Het is een vos. Driehoekige kop, bruine en beige kleuren, een tred die je niet kent van een hond. In een krachtig en zelfverzekerd drafje loopt hij langs de afrastering van een tuin en na een paar meter springt hij met verbazingwekkend gemak over het houten hek voor de oprijlaan. Weg de tuin in.
De cafés sluiten. Tegenover een hotel waar blijkbaar een groot feest is geweest, schuil ik in een bushokje. Twee dames op hoge hakken voegen zich bij mij. Ze wachten op een taxi. Die komt snel en als ze wegtrippelen ga ik ook maar weer eens. Koud en nat de donkere duinen in. Ik kom er wel.
&



