Deel 2: Diabetes en beweging: Wel of niet en waarom?

Onderzoek heeft laten zien dat een actieve levensstijl de kans op het ontwikkelen van diabetes type 2 met 50% vermindert.

Beweging en het ontstaan van diabetes 
Onderzoek heeft laten zien dat een actieve levensstijl de kans op het ontwikkelen van diabetes type 2 met 50% vermindert. Dit heeft onder andere te maken met de invloed van vet op het ontstaan van de ziekte. Een teveel aan vet wordt opgeslagen onder de huid maar ook rondom de lever, het hart en de spieren. Wanneer dit vet rondom een spier niet wordt verbrand kan het ervoor zorgen voor dat deze spier minder gevoelig wordt voor insuline. Duursporters zijn beter in staat dit vet als energiebron te gebruiken. Als je diabetes hebt kun je deze vetten niet, of slecht, verbranden.
Waarom beweging helpt maar niet geneest 
Een opeenhoping van vet rondom de spieren leidt niet altijd tot diabetes type 2. Maar het verhoogt wel de kans op deze ziekte, net zoals ongezonde voeding en erfelijkheid. Door te bewegen leert je lichaam vet te gebruiken als energiebron en wordt de insulinegevoeligheid verbeterd. De mitochondriën (de energiefabriekjes in het lichaam) kunnen zo beter hun werk doen. Onderzoek heeft laten zien dat door te bewegen de mitochondriën zo kunnen worden getraind dat ze bijna net zo goed functioneren als bij mensen zonder diabetes. Wanneer de ziekte zich nog in een beginnend stadium bevindt kan beweging er bovendien voor zorgen dat je minder medicijnen nodig hebt. Maar volledig genezen doet beweging niet.
Beweging als ondersteuning van je weerstand
Als je diabetes hebt wil dat niet automatisch zeggen dat je zwakker of ziekelijker bent dan mensen zonder diabetes. Toch moet je als diabeticus extra op je weerstand letten. Bij een infectie is het namelijk moeilijker om je bloedsuiker onder controle te houden. Behalve infecties kunnen ook heftige emoties en stress de bloedsuikerspiegel uit balans brengen. Van matig intensieve beweging is het bekend dat het een positieve invloed heeft op je weerstand. Pas wanneer er boven een bepaalde intensiteit en duur wordt getraind zorgt inspanning juist voor verminderde weerstand. Ook ervaren de meeste mensen minder stress wanneer ze regelmatig bewegen.
Behalve een grotere gevoeligheid voor infecties kunnen er, vooral wanneer de bloedsuikerspiegel jarenlang te hoog is geweest, extra complicaties ontstaan. Dit kan zorgen voor beschadiging van je ogen (met slechtziendheid en/of blindheid tot gevolg), aderverkalking, een verminderde nierfunctie, een slechtere doorbloeding, een verhoogde kans op dementie, obstipatie, aantasting van het bindweefsel in botten, gewrichten en pezen en erectiestoornissen. Beweging, mits goed opgebouwd en binnen de grenzen van je prestatieniveau, kan een positieve invloed hebben op een aantal van deze complicaties. Zo zorgt beweging voor sterkere botten, gewrichten en pezen, stimuleert het de doorbloeding en vermindert het de kans op dementie.
Effect van beweging op het lichaam
Net zoals bij mensen zonder diabetes heeft beweging een gunstig effect op de lichaamssamenstelling, de bloeddruk, het lipidenprofiel (daling slecht cholesterol, stijging goed cholesterol) en een vermindering van het risico op hart- en vaatziekten.
Wanneer je diabetes hebt en wilt beginnen met sporten is het verstandig een sportonderzoek uit te laten voeren waarbij zowel rust- als inspanningswaarden worden gemeten. Hierbij kan worden bepaald of er risico bestaat op complicaties tijdens het sporten en wat het prestatieniveau zou moeten zijn.
Liever niet sporten 
In een aantal gevallen kan er beter niet worden gesport. Dit geldt met name voor patiënten met zeer wisselende bloedsuikers, het onvermogen een hypoglycemie te voelen, onbehandelde hoge bloeddruk en/of vergevorderde aandoeningen aan hart- en longen. Ook kan je te maken hebben met een verminderd prestatievermogen als je diabetes heeft geleid tot verminderde longfunctie, verminderde hartfunctie (vaak diastolisch hartfalen waarbij de hartspier zich minder ontspant en daardoor niet goed in staat is om zich te verwijden en zich met bloed te vullen, waardoor er ook minder bloed het hart verlaat) en een verminderde transportcapaciteit van zuurstof doordat glucose zich hecht aan hemoglobine. Er wordt hierbij ook wel gesproken van versuikerde hemoglobine.
Wanneer de ziekte in een vergevorderd stadium is kunnen patiënten last krijgen van voetproblemen. Deze worden deels veroorzaakt door de verminderde doorbloeding. Waar zwemmen of fietsen geen problemen opleveren kan hardlopen pijnlijk zijn.
Anaerobe inspanning ?
Tijdens anaerobe inspanning produceert je lichaam energie zonder behulp van zuurstof. Tijdens dergelijke inspanning wordt er veel glucose verbrandt en wordt er lactaat geproduceerd. Wanneer je diabetes hebt kan anaerobe inspanning (op een intensiteit >85% van je VO2max) ervoor zorgen dat je bloedsuikerspiegel stijgt.
Aerobe inspanning
Bij aerobe inspanning zal je bloedsuikerspiegel over het algemeen dalen. Dit kan zorgen voor een hypoglycemie na inspanning. Inspanning met een intensiteit lager dan 60% van de VO2max (zoals wandelen of heel rustig fietsen) heeft vrijwel geen effect op de bloedsuikerspiegel.
Intervaltraining 
Bij intervaltraining waarbij aerobe inspanning afgewisseld worden met anaerobe inspanning is een goede regulatie van de bloedsuikerspiegel des te belangrijker.
Alle drie de vormen zijn mogelijk als je diabetes hebt. Belangrijk is om van te voren een inschatting te maken van de duur en de intensiteit van je inspanning. Dit is bepalend voor de hoeveelheid en timing van je voeding en medicatie.

De beste looptips en inspirerende artikelen 2x per week in je mailbox?

Meld je dan aan voor onze nieuwsbrief en mis niets!

Meer uit Gezondheid