Een lesje hardloopetiquette: over inhalen, spuug en loperswindjes
Zullen we eens wat afspraken maken om het lopen prettig voor elkaar te houden?
Nederland rent steeds meer. Hardlopen is een ongelooflijk populaire sport. En terecht. Elk weekend trekken miljoenen Nederlanders erop uit om een rondje te rennen. Dat betekent dat het steeds drukker wordt op ’s lands hardlooppaden. Vooral in de stadse parken en de populaire natuurgebieden loop je in rotten van twaalf.
Daar is niets mis mee, maar het zorgt er wel voor dat je je tot de andere lopers moet verhouden. En dat kan soms best een beetje netter of handiger. Laten we met z’n allen de volgende afspraken maken.
Ren aan de rechterkant
Het is een eeuwig dilemma. Ren ik aan de linkerkant van de weg, zodat tegenliggers me goed zien of aan de rechterkant, zodat fietsers me prima kunnen inhalen en ik makkelijk wandelaars voorbij kan. Doordat de ene loophelft voor links kiest en de andere voor rechts (het lijkt wel politiek) is de werkelijkheid vaak chaotisch. Mensen rennen op elkaar in en dan is het altijd de vraag wie er aan de kant moet. Met bijna-botsingen en een hoop irritatie tot gevolg.
Mijn stelling is dat iedereen voor rechts zou moeten kiezen. Dat is de verkeerskant in Nederland en dat maakt alle verkeersstromen makkelijker. Iedereen weet aan welke kant hij moet inhalen en wie er aan de kant gaat (namelijk de inhaler). Je hebt nu nooit meer de situatie dat je recht op een racefietser of moeder met een tweeling-wandelwagen afrent en het niet duidelijk is wie een stapje opzij doet. Er is alleen één voorwaarde aan deze afspraak: draag licht in het donker. Zo ziet die opgevoerde scooter namelijk al van verre af aan dat jij aan het rennen bent en rijdt daarmee om je heen in plaats van op je in.
Kom je elkaar als loper in het vervolg netjes aan de rechterkant tegen. Knik elkaar dan vriendelijk toe of steek je duim omhoog. Dan weet je: wij zijn hardlopers onder mekaar en hebben waardering voor elkaars prestatie.
Inhalen
Als we het dan toch over inhalen hebben. Dat kan best een beetje aardiger. Kijk. Iemand inhalen is het lekkerste wat er is. Geen beter gevoel, dan het stofzuiger-gevoel. Maar als jij al die lopers aan het opzuigen bent, betekent dit ook dat er heel wat atleten worden opgezogen. En dat is nu juist weer het ergste gevoel in hardlopersland. Want weinig zo frustrerend als ploeterend over het asfalt te gaan, terwijl een veel te frisse loper je zonder een blik waardig te gunnen voorbij draaft.
Dat kan aardiger. Zeg eens vriendelijk gedag of iets in de geest van ‘lekker bezig’ of ‘zet ‘m op’. Dat doet wonderen voor de mensheid.
Spuug & loperswindjes
Waar hardgelopen wordt, worden windjes gelaten. Rennen werkt nu eenmaal meer op de darmspieren dan drie koppen koffie op een nuchtere maag. Hardloopmaatje Aafje Brand schreef er al eerder over. Dat je die valse lucht kwijt moet tijdens het rennen is helemaal niet erg. Dat je het recht in het gezicht blaast van degene achter je is dat wel. Doe dat gewoon niet. Houd even in of versnel juist een beetje. Kijk om je heen en is er niemand op gehoorsafstand: gaan!
Hetzelfde geldt voor spuug. Daar kun je echt last van hebben (zeker als je net een beker melk of caffe latte hebt gedronken). En dat je even moet tuffen, dat kan gebeuren. Maar doe dit netjes in de berm en hou rekening met de wind, zodat het ook echt in het gras beland en niet in het gezicht van je mede-hardloper.
Als we dit met z’n allen doen, wordt hardlopen nog een beschaafde bezigheid ook.



