Goedkope sportdrank

Rob analyseert zijn sportdrank (en vindt geen anabolen)

Op mijn dure sportschool hangt opeens een reclame van de budget-drogist. Ze hebben nu een eigen merk isotone sportdrank.

Op weg naar huis schaf ik meteen een blik aan, en thuis stort ik me op mijn oude hobby: etiketten uitpuzzelen en ingrediënten vergelijken. Naast het huismerk van de budget-drogist zet ik een isotone sportdrank (nou ja, het poeder daarvoor) van een bekend merk, doorgaans geleverd in een mooie verpakking met een geel deksel.

Qua energie maakt het niets uit of je het ene of het andere merk neemt: beide bevatten zo’n 360 kilocalorieën per honderd gram poeder. In beide poeders zitten ook evenveel koolhydraten. Alleen bestaan die bij het dure merk voor driekwart uit pure suiker en bij het huismerk voor minder dan de helft. Dat is opvallend: tijdens het sporten heb je niet alleen snelle suikers nodig, maar ook wat langzame, complexe suikers om energie voor de iets langere termijn uit te halen. De snelle suikerboost van de dure drank spreekt met niet zo aan, want voordat je het weet kak je weer in.

Verder zit in beide poeders zout: in het dure drankje iets meer dan in het goedkope. Ook dat is opvallend: zout kost bijna niets, en tijdens het sporten verlies je er flink wat van. Zelf drink ik liever iets teveel zout dan te weinig. Maar goed, je kunt je goedkope sportdrank altijd wat oppeppen met wat goedkoop extra zout, uit je zoutvaatje.

Daarna wordt het esoterisch. Het goedkope merk bevat net iets meer calcium dan het dure, in het dure zit dan weer helemaal geen fosfor. De hoeveelheid magnesium is vergelijkbaar, maar in het dure poeder zit wel weer vitamine b1.

Zijn deze toevoegingen nog interessant? Wel als je een astronaut bent en tijdens een reis naar Mars een paar jaar op sportdrank moet leven. Doe dan maar die met vitamine b1, zou ik zeggen. Maar als je de sportdrank neemt als aanvulling op een gezonde voeding, met ’s avonds een volwaardige maaltijd, lijkt het me lood om oud ijzer. 

En natuurlijk zal er best eens onderzoek zijn gedaan naar de werking van die drankjes. Maar dat onderzoek gebeurt meestal op kosten van de fabrikant, en dan moet je oppassen. 

Ik deed vroeger intensief aan krachtsport, en er was destijds een onderzoek dat uitwees dat een bepaald vitaminepreparaat meer spiergoei opleverde dan anabole steroïden.

Alleen bleek het wetenschappelijke onderzoek plaats te hebben gevonden in een arm Oostblokland, waar kinderen ondervoed waren en te weinig vitaminen binnenkregen. En dat remde weer hun groei. De ‘wetenschappers’ gaven een aantal van die kinderen anabole steroïden en een andere groep kreeg gewoon hun – ontbrekende – vitaminen toegediend.

Wat bleek? De groep die die vitaminepillen kreeg, groeide harder dan de groep die anabolen kreeg maar nog steeds  ondervoed was. Da’s nogal logisch. Of, om in wetenschappelijke termen te blijven: Dúh. De enige interessante vraag is nog hoe die onderzoekers het ooit in hun hoofd haalden om ondervoede kinderen anabolen te geven. Maar goed: het was het Oostblok, men keek zo nauw niet.

Ik heb beide producten nooit gebruikt (zowel het vitaminepreparaat als de anabolen), en dat zal er de oorzaak van zijn dat het met de spiergroei nooit zo wilde lukken. Waarna ik, veel te laat, de conclusie trok dat ik meer het lijf van een marathonloper heb dan van een bodybuilder. Stel jezelf een Dolf Jansen voor die probeert om de biceps van Epke Zonderland te krijgen. Kansloze actie.

Maar goed, sportdrank gebruik ik dus wél. Dus koop ik meten een paar grote blikken van het goedkope spul, met lekker wat complexe suikers voor de energie tijdens de lange duurlopen.

Zó jammer dat het spul niet te zuipen blijkt.

Rob Voorwinden

De beste looptips en inspirerende artikelen elke vrijdag in je mailbox?

Meld je aan voor onze nieuwsbrief en mis niets!

Meer uit Inspiratie