Waterlander

Waterlander

Wanneer een bende eenden een landing maakt lijkt het of ik van alle kanten applaus krijg, zalig en rustgevend tegelijk.

Zondagochtend 6 december. Een blik op de wekker zegt me dat het nog ontzettend vroeg is, misschien wel te vroeg om op te staan. Maar het is een speciale dag vandaag. De dochter had er al een hele week op gehamerd, zondag is er iemand jarig, een oude, maar heilige man… Zou hij ook iets in mijn schoentje hebben gelegd? Ik ben benieuwd en besluit dus maar om reeds om half zes me een weg naar de woonkamer te begeven.

En tot mijn grote vreugde vind ik tussen al dat strooigoed en speelgoed voor de kinderen toch een cadeautje dat ongetwijfeld voor mij moet zijn. Een leuke fles met een speciaalbiertje, de Sint en zijn kornuiten weten wat lekker is, of tenminste wat ik lekker vind. Maar voor een glaasje champagnebier Dame Jeanne is het nog wat vroeg, laat ik dat maar houden voor de feestdagen die voor de deur staan. Ik verplaats me dus maar snel naar de keuken, meer bepaald naar de koffiemachine. Een koffietje gaat er altijd wel in, op een zondagochtend als deze zelfs nog beter.

Na een overheerlijk en met liefde gebakken stukje bananencake als ontbijt en een tweede tasje van het zwarte goud maak ik me langzaam op voor mijn wekelijkse duurloopje. Wat kleding betreft is de keuze bij deze lichte vrieskou niet zo moeilijk en ook een afstand van om en bij de twintig kilometer heb ik al in gedachten. Rest enkel de vraag welke omgeving ik vanochtend onveilig ga maken. Doordat ik de afgelopen maanden heel wat kilometers op de teller zette ben ik wat uitgekeken op mijn eigen buurt. Maar ook op de vraag waar te lopen vind ik vrij snel een antwoord. Ruim een half uur later sta ik geparkeerd aan een kerkje enkele dorpjes verderop. De achterzijde van mijn loopshirt zegt ‘Fast is beautiful’, maar dat is vandaag niet van tel. Een rustig loopje en genieten van de omgeving is de boodschap.

Ik voel me onoverwinnelijk, niets of niemand kan me nog tegenhouden.

Even over acht laveer ik nog langs een nieuwe woonwijk, maar na enkele honderden meters duik ik de natuur in. Een smal bospad dat bezaaid is met ongetwijfeld miljoenen herfstkleurige blaadjes en me naar een prachtig meer loodst bezorgt me naast een zachte ondergrond ook een fijn hardloopgevoel. Er hangt nog een dun laagje mist boven het uitgestrekte wateroppervlak, de vogeltjes fluiten naar hartelust en ik geniet dus des te meer. Wanneer een bende eenden een landing maakt lijkt het of ik van alle kanten applaus krijg, zalig en rustgevend tegelijk. Plots hou ik halt, want aan de rand van het meer op amper een meter of vijf van me verwijderd, lijkt een reusachtige, hagelwitte reiger de wacht te houden. Wanneer ik naar mijn tasje grijp om een foto te nemen vliegt hij met grote halen weg. Wow, hoe mooi kan de natuur zijn! En ik was te laat, hoe graag ik dit moment had willen delen met de rest van de wereld.

Het paadje langs het meer loodst me via een kleine omweg naar het kanaal. Vandaag zal mijn loopje in het teken van water staan, daar ben ik nu al van bewust. Mijn fantasie slaat op hol en ik waan me Waterlander, een in mijn hoofd gecreëerde superheld. Ik voel me onoverwinnelijk, niets of niemand kan me nog tegenhouden. Zonder het te beseffen begin ik te versnellen, mijn hartslag gaat de hoogte in en de adrenaline giert door mijn lichaam. In mijn hoofd zingt PJ Harvey steeds hetzelfde zinnetje. “I lost my heart under the bridge, to that little girl, so much to me.” Het is van nature nogal een geheimzinnig nummer, de ideale soundtrack bij mijn beleving. Ik betrap me er op dat ik het zelfs luidop meezing. Gelukkig is er niemand in de buurt van dit smalle op- en neergaande bospad naast het jaagpad die dit gekwijl moet of zelfs wil aanhoren. Mijn onoverwinnelijkheid wordt plots gekrenkt door een klein vogeltje dat uit het struikgewas komt gevlogen, ik schrik me rot en sta terug met beide voeten op de grond in echte wereld. Het kind in me is opnieuw herschapen tot een man van halfweg de veertig, mijn fantasie houdt even op te bestaan. Desondanks blijft het een prachtig loopje en blijft het genieten geblazen tot ik weer aan mijn vertrekpunt beland.

Onderweg naar huis – ik ben toch in de buurt – hou ik even halt bij mijn maatje om te kijken wat de Sint voor hem in petto had. Ik heb nog maar net op het raam van de achterdeur aangeklopt of de Fortnite Sniper Rifle en andere geweren worden op me gericht, plastieken munitie vliegt me om de oren. “Speel je mee met de Lego? Kunnen we samen een dino bouwen! De Sint is geweest! Kijk eens wat hij allemaal heeft gebracht!”, het enthousiasme kent duidelijk geen grenzen. Ik weet niet waar eerst kijken, de goedheilige man was duidelijk in een gulle bui vannacht. Opnieuw komt het kind in me boven, al is de beleving nu net iets anders, iets ruiger, iets woester… “Wil je misschien eerst een kopje koffie?”, vraagt zijn mama, die de kalmte gelukkig wel heeft kunnen bewaren en vanuit de keuken komt piepen. “Dank je, dat zal me wel smaken na de aanval van deze krijger”, beantwoord ik haar met een knipoog. En even later keuvelen we bij een koffietje met chocolaatje over koetjes en kalfjes en bouwen we met zijn drietjes fijne Lego-dino’s en andere attributen.

Reageer op dit artikel

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

1 reactie

  • Karin Verheijden

    Wat een leuk verhaal: je wordt er zo ingetrokken. Hoop nog ooit mee te maken dat mijn fantasie zo met me op hol gaat tijdens een rondje rennen.

De beste looptips en inspirerende artikelen 2x per week in je mailbox?

Meld je dan aan voor onze nieuwsbrief en mis niets!

Meer uit Columns & meer