Eddy blogt: Blik op oneindig

Eddy blogt: Blik op oneindig

Eddy loopt in de natuur en zijn hoofd klaart op. Tot er ergernis in zijn brein sluipt. Welke loper herkent de ergernis van Eddy?

“Heb je goed gelopen?”, vraagt de dochter traditiegetrouw al swipend op de iPad wanneer ik thuiskom van mijn al even traditioneel looptochtje. “Tja, viel wel mee”, antwoord ik. Op een vraag die eerder uit beleefdheid wordt gesteld dan uit fascinatie volstaat een vaag antwoord. Zo denk ik er toch over. We gaan er verder niet op in, dat zegt voldoende over de interesse van prille tieners. Zeker wanneer enkele minuten later uit dezelfde mond de woorden wat, eten, we, en vanavond tevoorschijn komen.

Nu ja, laten we het even hebben over het loopje op zich. Aanvankelijk maakten de kronkels in mijn hoofd alweer overuren, toen ik na enkele minuten de rand van het bos bereikte leek dit ongemak te verdwijnen als sneeuw voor het zalige winterzonnetje, die overigens ook letterlijk het sneeuwtapijt van een dag eerder deed opgaan. De hartslag was snel onder controle, de cadans leek me in orde en het tempo was meer dan aanvaardbaar. Het werkelijke genieten kon beginnen, dacht ik. Dat was althans de bedoeling.

Ik was amper enkele honderden meters ver toen ik een eerste leeg colablikje net naast het smalle bospad aantrof. Ik dacht even aan het werk van een verstrooide tiener die het uit onwetendheid had laten vallen. Maar dat was dan duidelijk niet de enige zondaar in het in mooie winters getooide bos geweest, want niet veel verder volgden nog talloze blikjes van andere frisdranken, energiedrankjes en goedkope pils. Om nog maar te zwijgen van de sigarettenpeuken en een handvol plastieken flesjes naast een picknickbank en diverse vuilniszakken die een tiental meter diep in het bos waren neergeplant.

Het leek wel of de bossen van de Kempische Heuvelrug als alternatief dienst deden als feestgelegenheid nu de pseudo-lockdown cafés, restaurants en feestzalen had lamgelegd. Ook lege verpakkingen van energierepen en sportgelletjes wekten mijn irritatie op, ook mountainbikers, lopers of wandelaars durven hun boekje dus al eens te buiten gaan. Die ergernis draaide stilaan om in woede. Ik probeerde het van me af te zetten en richtte mijn blik op oneindig, het was daarentegen oneindig veel blik dat ik op mijn weg kruiste.

Maar de woede in mijn hoofd maakte ook een ommekeer, ditmaal in medelijden, compassie om het in het mooi Kempisch te zeggen. Medelijden met dat deel van de mensheid dat wellicht uit puur egoïsme, onvervalste luiheid en lak aan anderen zijn afval overal laat slingeren. Dit getuigt van een gebrek aan respect voor de fauna en flora in onze bossen en langs onze velden, en dus onrechtstreeks ook voor de toekomst van onze kinderen, kleinkinderen en daaropvolgende generaties.

Het ongenoegen blijft een tijdje knagen in mijn hoofd, maar na een verkwikkende douche is er weer tijd voor andere dingen als daar zijn huishoudelijke taken. Bij het vullen van de wasmachine zijn mijn stembanden geneigd een korte maar krachtige vloek uit te kramen wanneer ik op koekjes- en snoepverpakkingen bots in de jeans van de dochter. Maar ik kan me net op tijd bedwingen…

Reageer op dit artikel

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

6 reacties

  • Gerry

    Ik train met mijn BorderCollie voor dogsurvivals en kom ook veel troep tegen in de bossen, 1x per week trek ik het veiligheidsvestje van Mooimakers aan , mijn hondje heeft ook een eigen vestje en pak mijn gtijpstok en een vuilzakje en doe een rondje zwerfvuil rapen

  • Froukje

    Ook ik herken dit sterk en erger me er inderdaad ook mateloos aan. Ook ik neem geregeld bij een wandeling een afvalzak mee om op te ruimen.
    Op mijn route ligt steeds op ongeveer dezelfde plek geregeld de resten van een genuttigde snack van de Mac. Dit terwijl de dichtstbijzijnde op 14 km afstand staat. Hoe sneu dat je de moeite neemt om te bestellen, stuk verderop te nuttigen en dan naar buiten gooien. Tis niet eens op een parkeerplek. Nou ja, verstand komt met de jaren hopen we dan maar.

  • Arnold

    Dit is heel herkenbaar en de ergenis wordt steeds groter.
    Zo nu en dan maakt ik een wandeling langs één van mijn hardlooprondjes om rommel op te ruimen en ik blijf mij steeds weer verbazen hoe snel er weer “nieuwe” rommel op de schoongemaakte route ligt

  • Johan

    Als warming up plog ik altijd het eerste stukje (na 2 kilometer staan er ‘blik’ vangers).
    We zijn allemaal tiener geweest, die denken daar nog niet over na. Helaas zie je afval dumpen ook bij een klein groep (jong en soms wat ouder) volwassenen, dan verwacht je wat anders. Helaas, doordat die kleine groep steeds klein beetje afval dumpt, is het toch een grote bende: blikjes, sigarettenpeuken, sigarettepakjes, flesjes. Want er is geen prullenbak in de buurt (maar je kan je rommel toch meenemen en thuis weggooien?). Ik loop twee maal per week langs 2km fietspad, en elke keer steeds dezelfde rommel op ongeveer dezelfde plek, maar door ploggen blijft de 2 km toch een beetje schoon. Dankbaar werk, maar was liever niet nodig…
    wie plogt mee?

  • Jan

    Mooi geschreven, Eddy, en helaas herkenbaar

  • RunHanRun.nl

    Goed, mooi en herkenbaar blog Eddy!

De beste looptips en inspirerende artikelen elke vrijdag in je mailbox?

Meld je aan voor onze nieuwsbrief en mis niets!

Meer uit Inspiratie