Training

Wat doet lopen met je lichaam? Deel 3:

Door
Dr Hans Keizer
7 januari 2019 00:00
Wat doet lopen met je lichaam? Deel 3:
Foto Rob Pauel

Inspanning en de aanpassing van bloedverdeling en energiehuishouding

Als we starten met lopen  gaan  de werkende spieren meer energie  leveren  om de spiercontractie mogelijk te maken. Om dat mogelijk te maken moet er meer bloed naar de werkende spieren,  de been en de heupspieren , gaan. Dat kan echter alleen maar, als andere delen van het lichaam minder bloed krijgen. Het hart moet hiervoor niet alleen meer bloed uitpompen, maar ook de bloedverdeling moet aangepast worden.


Eerdere delen van gemist: deel 1deel 2 


Bloedverdeling


In rust verbruiken onze spieren heel weinig energie. De doorbloeding is gering, ±5 ml/100gram spierweefsel. Dit is ongeveer 15% van het hart-minuut volume (HMV) (hoeveelheid bloed per minuut  die door het hart wordt rond gepompt), dus 0,15 x 5 (het HMV in liters)= 0,75 l. Tijdens arbeid daarentegen kan het energie- en zuurstofverbruik van de werkende spieren, afhankelijk van het niveau van de loper, zo'n 30-70 maal stijgen. In deze situatie gaat er zo'n 70% van het HMV naar de werkende spieren. Bij een HMV van 15 liter/min is dit dus 0,7 x 15= 10,5 liter!! Bovendien betreft het hier een toename, die alleen plaats vindt in hart en de werkende spieren . Andere spieren zoals die van de armen krijgen nauwelijks meer bloed. Sommige delen van het lichaam, zoals het maag-darm gebied, worden zelfs veel minder doorbloed dan in rust. Alleen de hersenen krijgen, gelukkig, wat meer bloed.


Afvoer overtollige warmte door zweten

Van de totale hoeveelheid energie die we moeten omzetten om de spieren te laten samentrekken gaat ± 75% verloren aan warmte. We gebruiken dus maar 25%  voor de spiercontractie zelf.  Die overtallige warmte moeten we zien kwijt te raken en bij de mens gebeurt dat vooral door toename van de zweetproductie. Om die reden gaat er aanzienlijk meer bloed naar de huid. Hoeveel? Dit is afhankelijk van de buitentemperatuur en je kleding.


Deze vergrote warmte productie heeft als prettige bijkomstigheid, dat je het niet gauw koud hebt in de winter. Train je daarentegen in de zomer als de temperatuur hoog is, dan kan je gemakkelijk in de problemen komen (zie artikel 'Trainen bij warm weer')Het lichaam 'kiest' er dan voor om de interne temperatuur onder de 40 graden te houden. Dit heeft als consequentie, dat er meer bloed naar de huid moet en dus minder naar de spieren. Het energieverbruik gaat in die gevallen sterk omhoog. Je merkt dat aan de verhoogde hartfrequentie bij een standaard loopsnelheid. Maar dat kan ook in de winter optreden. Als je b.v. te warm gekleed bent.


Aanpassing van het energieverbruik


In rust is dus het energieverbruik van het lichaam dus laag. Als je begint met de warming-up zal het energieverbruik van het ene op het andere moment 4-5 x verhoogd worden. Het hele lichaam moet zich daaraan aanpassen en wel op de volgende manier: 


1. De zuurstof toevoer en koolzuurafvoer naar en vanuit  de werkende spieren moet worden verhoogd.
2. De bloedverdeling moet worden aangepast.
3. De hartactie moet worden verhoogd evenals de longventilatie.


Door de verhoogde activiteit van het hart gaat de bovenwaarde van de bloeddruk (de systolische bloeddruk) stijgen. Hierdoor en door het verhoogde energieverbruik  zullen lokaal in de spier bloedvaten gaan open staan, waardoor de haarvaatjes aldaar  beter doorbloed worden. Dit wordt mogelijk gemaakt door allerlei lokaal geproduceerde stofjes, die invloed hebben op de bloedvat wand. Door dit alles, zullen de aerobe enzymsystemen geactiveerd worden. Als de spiertemperatuur op ongeveer 38,5 graden is gekomen is het systeem echt klaar voor het grote werk. Tegelijkertijd zal de onderwaarde van de bloeddruk (althans bij gezonden) niet stijgen, of bij heel goed getrainden zelfs dalen. Dit betekent, dat de arbeid, die het hart moet verrichten om zoveel meer bloed rond te pompen nauwelijks stijgt t.o.v. de rustsituatie. Hieruit volgt dus, dat de warming-up een zéér belangrijk onderdeel van de training en wedstrijd is. 


Eerdere delen van gemist: deel 1deel 2 

  • Deel dit artikel
  • Facebook
  • Twitter
  • LinkedIn
  • Google+
  • Mail dit artikel:
  • Mail
Auteur
 Dr Hans
Dr Hans Keizer
 Dr Hans  Keizer

Dr Hans Keizer

Redacteur

Heeft de opleiding leraar lichamelijke opvoeding en geneeskunde gedaan en werkte 35 jaar als arts/fysioloog aan de universiteit Utrecht en Maastricht, waar hij in 1983 promoveerde. Hij was winnaar van de prijs voor Sportgeneeskunde, gasthoogleraar aan de Vrije Universiteit Brussel en de Universiteit Salzburg. Hij was een succesvol atletiektrainer, bondscoach/arts K.N.A.U. en bracht verschillende lopers naar de wereldtop. Hij heeft meer dan 120 wetenschappelijke publicaties op zijn naam.

Verplicht Verplicht
Verplicht
  • Carlo
    Dag Hans, Nog benieuwd wanneer deel 3 verschijnt van deze interessante artikelserie van je: KLIK
    Reactie geplaatst op 07/01/19 om 15:57 uur

ProRun loopclinics: Waar & wanner?

Loopkalender

16
januari