Training en bloedvaten

Hardlopen is gunstig voor bloedvaten.

Deel dit artikel:
Share on Facebook
Facebook
Tweet about this on Twitter
Twitter
Share on LinkedIn
Linkedin
Training en bloedvaten
De meeste trainers en vele atleten weten dat regelmatige training een toename van haarvaatjes (capillairen) in de spieren veroorzaakt. Er komen dan meer capillairen om een spiervezel te liggen, waardoor de uitwisseling van zuurstof en voedingsstoffen enerzijds en de afvoer van producten van de spierstofwisseling anderzijds verbeterd wordt. En dat is gunstig voor ons als lopers!
Zo kan het aantal capillairen per vierkante millimeter door jarenlange duurtraining toenemen van 280-300 (ongetrainden tussen 20 en 30 jaar) naar 750-800! Zelfs de spieren van getrainde ouderen (> 60jaar) bevatten nog 450-500 capillairen/mm2.  Maar dit is nog niet voldoende. Voor de capillairen geschakelde bloedvaten opereren als een soort ‘poortwachters’ voor de spierdoorbloeding. Gaat de poort wijd openstaan, dan worden alle capillairen doorbloed. Dit betekent, dat de aanvoer van zuurstof, glucose en vetzuren optimaal is.
Centrale en perifere bloeddruk tijdens inspanning
Als we het bloeddruk verloop bekijken, dan blijkt zij in de aorta en b.v. de armslagaders in rust zo’n 120/80 mm kwik te zijn (120 is de boven- of systolische druk, 80 de onder- of diastolische druk). In de ‘poortwachter’ vaten daalt de bloeddruk zéér sterk. Dat betekent, dat er weinig capillairen open gaan staan, omdat de druk eenvoudigweg te laag is. Tijdens inspanning gaat de bloeddruk stijgen. Waardes van 200 of meer voor de bovendruk zijn heel normaal. De onderdruk echter mag bij gezonde mensen niet gaan stijgen. We zien een daling bij goed duur-getrainden. Dit komt doordat de ‘poortwachter’ vaten open gaan staan (we noemen deze vaten dan ook: precapillaire weerstandsvaten). Bij goed getrainden betekent dit, dat de arbeid, die het hart moet leveren om het bloed rond te pompen, niet of nauwelijks toeneemt. En dit, terwijl het hartminuut volume 3-4 x of meer stijgt!
Dit duidt erop, dat er wat gebeurt met de bloedvatwand en/of de functie. Ofwel ze zouden elastischer moeten worden (de structuur verandert) ofwel door de inspanning makkelijker open gaan staan (de functie verandert). Het eerste is natuurlijk niet het geval bij ongetrainden. Maar door de toegenomen druk op de vaatwand komen er vaatverwijdende stoffen vrij, zodat er meer bloed door de ‘poortwachter’ vaten kan stromen. Voor structurele veranderingen van de bloedvatwand moeten we gaan trainen.
Functionele en structurele veranderingen van de bloedvatwand
Tinken en medewerkers (2008) onderzochten het effect van fiets en looptraining op de doorbloeding en functie van de arm-en beenslagaders. Zij lieten hun proefpersonen (jonge ongetrainde mannen) gedurende 8 weken, 3x per wek trainen (fietsen en lopen, elk 15 minuten) op ongeveer 70% VO2max. De proefpersonen werden elke 2 weken gemeten. Al na 2 weken bleek de doorbloeding van zowel de armslagader, als die van het been te zijn toegenomen. Ook de concentratie van vaatverwijdende stoffen, geproduceerd door de cellen van de binnenkant van het bloedvat, was toegenomen. Dus de bloedvaten reageerden beter op de door inspanning verhoogde bloeddruk.
Ander onderzoek (Dinenno et al., 2001 en Spence et al., 2013) liet zien, dat de diameter en elasticiteit van de dijbeenslagader na training toeneemt. Dus de structuur van het vat veranderde.
De intensiteit van de training is, zoals zo vaak, bepalend voor het effect. Tønna en medewerkers (2011) vonden, dat het effect van matige intensiteit belasting (30 minuten 70% van de maximale hartfrequentie) op de doorbloeding van het been zo’n 24 uur blijft bestaan, terwijl dit na een interval belasting (4 maal 3 tot 4 min 90-95%HFmax afgewisseld met 3 min 70% HFmax) 72 uur blijft bestaan.
Conclusies
Training verbetert zowel de structuur van de bloedvaten, als het vermogen zich acuut aan te passen op verhoogde bloeddruk met vaatverwijding. Hierdoor kan de spierdoorbloeding toenemen en daarmee zal zowel het aantal capillairen toenemen, alsmede de functionele toestand van het aerobe systeem. Ook hier blijkt, dat aerobe intervaltraining superieur is aan duurtraining met matige intensiteit. Het is dan ook aan te bevelen, om elke twee tot drie dagen een intervaltraining in te lassen. Niet alleen de spierdoorbloeding verbetert hierdoor, maar ook zal de 24-uurs bloeddruk meer dalen, een positief gezondheidseffect!
Literatuur
Dinenno et al., Journal of Physiology 534: 287-295, 2001
Spence et al. , Journal of Physiology 591: 1265-1275, 2013
Tinken et al, Journal of Physiology 586: 5003-5012, 2008
Tønna et al., Journal of Strength Conditioning Research 25: 2552-2558, 2011
Deel dit artikel:
Share on Facebook
Facebook
Tweet about this on Twitter
Twitter
Share on LinkedIn
Linkedin

De beste looptips en inspirerende artikelen 2x per week in je mailbox?

Meld je dan aan voor onze nieuwsbrief en mis niets!

Meer uit Training