Strategie snelheid en wedstrijdparcours
Een wedstrijd biedt veel meer kansen om een paar plaatsen naar voren te schuiven. Haal meer uit jezelf en je loopt een leukere wedstrijd.
Op het laatste stuk pers je er een stevige sprint uit en je bent over de finish. Veel hardlopers blijven constant lopen en zetten alleen nog even aan bij die laatste sprint. Een wedstrijd biedt veel meer kansen om een paar plaatsen naar voren te schuiven. Haal meer uit jezelf en je loopt een leukere wedstrijd.
De achtervolger voorblijven
In menig lokale wedstrijd komt het voor, de scherpe bocht naar links of rechts in de woonwijk. In de achtergrond hoor je de voeten van een fanatieke hardloper die jou probeert in te halen. Tja, waar haalt ‘ie het lef vandaan. Je kunt de tactiek van de onzichtbare versnelling toepassen.
De scherpe bocht naar links of rechts is niet te overzien. Snij de bocht goed aan. Ben je er net weer een of twee stappen uit versnel dan een tiental passen. Je neemt daardoor afstand van de loper achter je die wel een constant tempo aanhoudt en jou niet ziet. Net die paar passen extra is een ontmoediging. De hardloper achter je zal denken ‘ik red het niet’.
Bewaar je snelheid voor heuvel af
Wil je loskomen van een andere hardloper of vanuit de groep en er komt een brug op je af? Ga dan niet aanzetten in de klim. Wacht tot je over de brug bent en daal sneller. Veel van je concurrenten verwachten daar geen versnelling.
Wil je deze tactiek toepassen, train daar vaker op. Een brug af is best lastig. Aan de ene kant moet je sneller bewegen door je toenemende loopritme. Aan de andere kant moet je meer spierkracht in je bovenbenen gebruiken om de impact van de daling op te vangen. Je kunt veel terrein winnen maar je moet het eerst een aantal keren goed gevoeld hebben in je training.
Je eerste kilometer en dan?
Je wint een wedstrijd niet aan het begin. Kijk als voorbeeld naar de afgelopen WK atletiek in Beijing. Bij de langere afstanden kwam het spel pas goed op gang na meerdere ronden. In wegwedstrijden heb je vaak de eerste kilometer niet meteen druk op de lopers. Je hoeft er dan ook niet als een jaguar op jacht naar een prooi vandoor. Die jaguar geeft het na 100 tot 200 meter op en jij moet nog heel veel kilometers maken.
Na die eerste kilometer is het belangrijk dat je goed in je wedstrijdtempo komt. Blijf niet te lang hangen in een groep waarvan je merkt dat die eigenlijk te langzaam voor je is. Een groep is comfortabel maar je kan daardoor ook kostbare seconden en plaatsen verliezen. Ook hier geldt, kom uit je comfortzone.
Stijg jij boven jezelf uit?
Veel hardlopers lopen met een sporthorloge om. Dat is super handig. Je kunt je snelheid in de gaten houden. Bovendien weet je waar je in je toe in staat was tijdens je trainingen. Moet je nu volgens je klok lopen of niet?
In de praktijk van een wedstrijd zie je grofweg 2 groepen ontstaan. De ene groep loopt precies dezelfde prestaties – en kan niet harder – als tijdens recente trainingen.
Daarnaast heb je de groep waarin de gazelles opeens opstaan. Dit zijn lopers die in wedstrijden boven zichzelf uitstijgen. De snelheid ligt zomaar vele procenten hoger dan tijdens intensieve trainingen.
Als je bij de gazelles hoort, laat je dan niet teveel leiden door je sporthorloge. Luister meer naar je gevoel en laat die snelheid zijn werk doen. Echt een kick als je over de finish komt en je kunt tijd en nieuw veroverde gemiddelde snelheid noteren.



