Hardloopfouten oplossen
Hoe ga je om met de kleine fouten in je wedstrijd of training die jou van winst af houden?
Toplopers winnen en verliezen. Als ze tweede worden, winnen ze geen zilver, maar zien ze het alsof ze goud verliezen. Toch is het zo dat voor iedere hardloper geldt, topper of niet en op welk niveau je ook traint, dat je vaker aan de verliezende kant van de ‘balans’ uitkomt. Winst is immers lastig te realiseren. Hoe ga je om met de kleine fouten die je van jouw winst afhouden?
?Winst hoeft niet noodzakelijk een snelle tijd te zijn. Het kan ook de manier van lopen zijn in een wedstrijd of een training. Bij sport kan veel misgaan en dat maakt het complex én spannend. Als je goed kunt omgaan met wat er mis ging, kom je er sterker uit.
1) De kleine opening zien
Toen Dafne Schippers vorig jaar tweede werd op de 60 meter sprint tijdens het WK Indoor, reageerde ze na de wedstrijd: “Ik mag echt wel tevreden zijn en nu ben ik dat al een stuk meer dan gister.” Zij past iets toe waar alle hardlopers van kunnen leren. Dafne ziet al weer een opening. Een manier om vooruit te gaan. Wie blijft zitten met het idee dat je verloor, sluit een deur. Je kunt alleen goed verder met je sport als je mogelijkheden ziet. Dat is geen pleidooi voor overenthousiast gedrag na een minder goede dag, maar het zien van een kans verandert je gedachten. Daar bepaal je of je door gaat en hoe je verder gaat met je training.
2) “Streep eronder”
Daarachter zit nog een verschijnsel. Ja, het is rottig als je voor goud gaat en het wordt een andere kleur. Of als je gaat trainen en afgelopen week voelde je je super en nu vallen je tijden tegen. Daar mag je natuurlijk best even een moment voor nemen. Het baalmoment. Neem na dat moment ook de tijd om je verlies te nemen. Of zoals velen zeggen: “Streep eronder en door”. Met dat soort uitspraken rond je het moment af en dan kun je ook verder.
3) Leren van je fouten is lastig
Nu komt het lastige deel. Leer van je fouten. Dat is nog niet zo eenvoudig bij hardlopen. Zeker niet als je veel solo traint zoals hardlopers vaak doen. Je let dan eerder op tijden dan bijvoorbeeld op techniek. Geef de tijd niet de schuld. Dat is slechts een product van wat jij doet. Kijk eerlijk naar wat er is gebeurd en let op de feiten. Is het de te snelle start geweest? Heb je de situatie onderschat? Ontbrak de vorm van de dag en hoe kan dat dan? Het helpt bij dit proces in de training van hardlopers als je daarbij ondersteuning krijgt van een trainer, club- of loopgroepleden. Hopelijk durven ze ook eerlijk tegen je te zijn.
4) Je gaat over naar creatie
Als je ziet wat er aan de hand is, kun je er mee omgaan. Je stapt over van een houding in verlies naar het kijken hoe het anders kan. Je wordt creatief. Daar zit het spel waardoor je sterker uit de situatie kan komen dan toen je er inging. Het kan de bekende ‘blessing in disguise’ zijn.
5) Haal mensen erbij
Zoek in de volgende fase de hardlopers op die je kunnen helpen tijdens je training. Dan kun je schaven aan je techniek. Of misschien kom je dan van die altijd té snelle start af. Of je kunt aan die hogere cadans werken. Andere lopers motiveren je, stimuleren en wijzen je op je progressie.



