De trainingscocktail die werkt
Je motivatie, brein, techniek en nog heel veel meer komt kijken bij goed trainen. Wat wordt jouw ideale trainingscocktail?
Tim Noakes, de bekende bewegingswetenschapper, bracht in 1997 de sportwereld in een shock. Niet de spieren stoppen door vermoeidheid maar je brein zorgt er voor dat je ophoudt met hardlopen. Dat betekent dat het niet alleen een kwestie is van spieren en benodigde energie. Je motivatie, brein, techniek en nog heel veel meer komt kijken bij goed trainen. Wat wordt jouw ideale trainingscocktail?
De spier is niet moe, je brein wil niet verder
Een rationeel denkend mensen zou verklaren dat een spier stopt als deze te vermoeid is en door al zijn energie is. Er zit gewoon een grens aan wat je kunt doen of volhouden. Nee, vond Noakes en eerder ook de Brit Archibald Hill. Je brein fungeert als regisseur. Deze regelt dat je op tijd stopt. Het idee daarachter is dat je lichaam daarmee schade voorkomt. Als je brein aangeeft om te stoppen betekent dit dat je zelf ook heer en meester bent over het moment van stoppen. Door training leer je veel van en over jezelf en kun je het moment van stoppen aanpassen.
Die bizarre eindsprint
Sluitend bewijs voor de stelling van Noakes is er nog niet maar onderzoekers vinden wel signalen die er op duiden. Eentje daarvan kennen alle hardlopers. Stel je loopt een training en die valt je zwaar. Je sleurt je door de kilometers heen. Toch kun je die laatste 500 meter weer versnellen en met een bijna sprint je training beëindigen. Ha, een lekker gevoel. Na die kilometers afzien kon je toch even losgaan. Raar want als je al uitgeput zou zijn van die eerdere lastige kilometers zou je niet in staat zijn tot die sprint. Je eigen motivatie, inzet, brein en techniek komen allemaal samen en maken het mogelijk dat jij die versnelling inzet.
De vorm van je leven?
Dan wordt de vraag voor leuk en effectief trainen boeiend wat jij voor recept kunt vinden om de trainingscocktail te verbeteren. Om in gewone taal te blijven; hoe bereik je de vorm van je leven.
A) Teveel of genoeg kilometers?
Veel atleten neigen naar meer kilometers maken. Als het begin van de hardloopcarrière zoet smaakt worden al snel meer kilometers gelopen. Want meer is goed, denken velen. Toch reageert iedereen anders op veel kilometers. Diverse topatleten gingen te ver. Achteraf bleek dat ze voor een ideale cocktail beter minder kilometers konden lopen. Je wordt sterker van meer kilometers maar er is ook duidelijk een contraproductief kantelpunt.
B) Rust in het hoofd?
Zenuwen doen rare dingen met je. Ben je voortdurend je trainingen aan het veranderen. Laat je door invloed van andere hardlopers in met andere wensen als het gaat om streeftijden of voeding? Wie alsmaar zenuwachtig opspringt bij ieder onderwerp lijkt niet tot een ideale vorm te komen. Wie gelooft in zijn trainingsaanpak en positief naar de toekomst kijkt staat mentaal sterker.
C) Fulltime of leuk voor erbij?
Voor veel hardlopers is het ideaalbeeld dat je de hele dag met je sport bezig kan zijn. Niet alle professionals waren achteraf blij met hun keuze. Voor de mensen die trainen naast hun werk of studie kan hardlopen meer voldoening bieden dan in een fulltime verband. Hoe je je sport waardeert doet veel met je ideale cocktail om meer te bereiken in de hardloopsport.
D) Zware sessie positief
Doe je een stevige intervaltraining, reken maar dat dit stress oplevert voor je lichaam. Menig hardloper kreunt en steunt weer, ‘oh nee vandaag interval’. Achteraf zijn deze sessies vaak het fundament voor succes. Bijvoorbeeld dat je de wedstrijd sterk uitloopt. Of dat je je eerste trail met gemak loopt.
Een intervaltraining of een tempotraining confronteert je weer met dat moment dat je wilt stoppen. Als Noakes gelijk heeft met zijn regulerende brein van de sporter dan is dit het moment om van jezelf te leren. Dan kun je voelen of je nog grenzen kunt verleggen.
E) Techniek
Alleen een cocktail op basis van kilometers en tijden werkt niet. Voor verbetering van jezelf moet je ook beter gaan hardlopen. Het zal niet veel schelen per kilometer maar opgeteld ga je er toch vele seconden op vooruit in je wedstrijden. Technisch goed lopen voelt voor de meesten ook lekkerder. Het vervelende: het lijkt wel of je altijd moet blijven schaven aan je techniek want anders lever je in. Stel je traint 3 keer per week, besteed dan 1 a2 keer ook specifiek aandacht aan techniek.
F) Kan die eindversnelling eerder?
Weet je nog die eindversnelling. Daarin weet je jezelf te verrassen. Geef het maar toe, je had niet gedacht dat je het in je had na die slopende kilometers. Daar wist je even dat regulerende brein van je te omzeilen. Hij werkte zelfs even mee om nog harder te gaan. Ga na wat je dan voelt, doet en welke emoties daarbij horen. Als je dat in je trainingen ook in het midden kunt toepassen, vaak het stuk waar de vermoeidheid als hoog wordt ervaren, kun je opeens je perspectief op sneller lopen veranderen.
Wie weet kun je nu ook jouw ideale trainingscocktail vinden. Vertrouw op je keuzes, scherpe tijden zijn slechts het gevolg daarvan.



