Na een prachtige nazomer waar we niks aan hadden (want alweer aan het werk en de kinderen alweer naar school) krijgen we nu dus de herfst. Het is al donker als je ’s avonds je rondje gaat lopen, het is koud en het wordt de komende maanden alleen maar kouder, en bij het strikken van je veters hoor je de regen of hagel al tegen de ruiten slaan. Kortom: dat wordt genieten.
Tja, want hardlopen in de herfst en winter heeft voor mij toch echt het Chuck Norris-gehalte dat ik in het dagelijks leven mis. Als geëmancipeerd man heb ik van drie kinderen de luiers verschoond, achter de kinderwagen gelopen en blaas ik mijn partijtje mee in de huishouding. En gedurende dat proces heb ik mijn ballen ergens opgeborgen, ongetwijfeld keurig in een vershoud-doosje ergens achteraan op een bovenste plank in de keuken. En sindsdien kan ik ze dus nergens meer terugvinden – behalve hardlopend in de regen.
Want laten we eerlijk zijn: hardlopen op een zwoele zomeravond, dat kan iedereen. Haltershirtje aan, korte broek en gáán. En vrolijk lachend zwaaien naar al die andere luchtig geklede mooiweerlopers. Maar met regen, hagel en sneeuw komen alleen de bikkels (m/v) naar buiten. En dan groet je elkaar net even wat collegialer: lekker afzien he?
Lopen in de regen heeft ook als voordeel dat je beter bent voorbereid op wedstrijden. Als je tijdens de training al eens hebt meegemaakt hoe het is om tien of twintig kilometer met kletsnatte schoenen te lopen, valt dat in de wedstrijd net iets minder tegen. Zelf loop ik daarom aan het begin van een training wel eens expres door een diepe plas: tijdens een wedstrijd kan je die immers ook niet altijd ontwijken.
Een tweede tip (want dat willen wij lopers altijd graag: tips hoe we nog beter en sneller kunnen gaan) is: zorg dat je opvalt. Draag een reflecterend vest en/of een lampje. ‘Ja, dúh’, denken jullie nu, maar ik heb in de auto op een regenachtige avond wel eens bijna een man met een donker gekleurde huid op m’n bumper gehad, die zonder lampje of vest was gaan rennen in een zwart trainingspak. Je gelooft het niet, maar echt: het gebeurt.
Wat Googelen over hardlopen in de regen levert nog een tweede tip op, namelijk dat je je hardloopschoenen beter niet in de magnetron kunt drogen. Ook weer ‘Dúh’, inderdaad, maar goed: op de 16 miljoen Nederlanders is er vast wel iemand die dit nog doet ook. Beter van niet, dus, want het is een ramp voor de demping van je zolen.
De laatste tip van mij persoonlijk is: laat die regenjas maar zitten. Want zonder jas word je nat van buitenaf, maar met jas word je – door je eigen zweet – kletsnat van binnenuit. Lood om oud ijzer. De enige echte tip is dus: gáán. De eerste minuut even door de kou en de nattigheid heen bijten, en daarna ben je dat vergeten en loop je net zo lekker als altijd. Of eigenlijk nog lekkerder, omdat je weet dat je een bikkel (nogmaals: m/v) bent.
Ik wens jullie – en mezelf – een onstuimige herfst toe.



