Het wordt gekkenwerk. Totaal wezenloos gekkenwerk: de marathon die UNICEF volgend jaar mei organiseert in Kenia. Natuurlijk, de omgeving – de beroemde Rift vallei, de grootste van Afrika – is prachtig, fenomeenaal zelfs. Maar tijdens het lopen zal je zoveel moeite hebben om je ene been voor het andere te zetten, dat je nauwelijks om je heen kunt kijken. Je kunt net zo goed op de loopband in de sportschool gaan staan.
Die loopband moet je dan wel op een behoorlijk stijgingspercentage zetten, want in de Rift Valley marathon zitten stukken van 11 procent. Ter vergelijking: het gemiddelde stijgingspercentage van de Mont Ventoux is 7,5 procent.
Verder moet je de temperatuur in de sportschool wat opstoken, want in Kenia is het in mei zo’n 21 graden – voor ons boeren-Hollanders niet echt een fijne marathontemperatuur.
En o ja: vraag de sportschooleigenaar of hij het zuurstofpercentage in de lucht kan verminderen, want Iten (de plaats in Kenia van waaruit wordt gelopen) ligt op 2400 meter hoogte. Ter vergelijking: vanuit de wintersportplaats Lech, die van de Koninklijke familie, gaat een hele lange kabelbaan naar een ‘panoramisch bergrestaurant’ Rüfikopf, met een schitterend uitzicht over de bergtoppen in de omgeving. Iten ligt 50 meter hoger.
Om je eindtijd van de Rift Valley marathon te voorspellen moet je dan ook, als vuistregel, zo’n uurtje of anderhalf bij je normale marathontijd optellen. En om de feestvreugde compleet te maken word je tijdens de marathon ongetwijfeld ingehaald door grijnzende Keniaanse kinderen die vrolijk hardlopend op weg zijn naar school, en niet snappen waarom jij zo aan het hijgen bent. Kortom: totaal wezenloos gekkenwerk dus.
Uiteraard heb ik me meteen ingeschreven.
Want we blijven een hele week in Kenia, dus er is genoeg tijd om die Rift Valley eens rustig te bekijken. Verder worden we begeleid door een team Kenianen, waaronder de voormalig wereldkampioen Lornah Kiplagat.
Ook wil ik wel eens met mijn eigen ogen zien wat het geheim is van al die Keniaanse lopers, die in het Westen de hardloopwereld zijn gaan domineren. Het boek ‘Running with the Kenyans’ van de journalist Adharanand Finn tilt alvast een tipje van de sluier op: in Kenia is hardlopen een van de weinige manieren om te ontsnappen aan de armoede. Verder zijn Kenianen (vooral op het platteland) gewend aan hard werken en doorzetten, en zijn ze gewend aan ijle lucht. En als ze eenmaal in een trainingscentrum zitten, doen ze weinig anders dan hardlopen en rusten.
Verder lopen Kenianen als kind vaak op blote voeten, wat weer allerlei voordelen schijnt te hebben voor het hardlopen, maar daarover hebben we het later nog wel eens uitgebreid.
Oh ja: over schoolkinderen gesproken: de bedoeling is ook dat je als deelnemer aan de Rift Valley marathon sponsorgeld ophaalt voor UNICEF. Met dat geld worden Keniaanse scholen van schoon water en toiletten voorzien. Dat is bittere noodzaak, want op de helft van de scholen in Kenia is geen schoon water en op een derde van de scholen zijn geen toiletten. Daardoor lopen leerlingen een groot risico om ziek te worden door het drinken van vervuild water of door slechte hygiëne. Een investering in schoon water en toiletten is dus een investering in de toekomst van de kinderen.
Dus, beste Keniaanse kiddo’s, ik loop daar eigenlijk voor jullie, ja? Zouden jullie me dan niet al te grijnslachend willen inhalen, straks in Rift Valley? Dank.
PS: Wie gaat er mee, trouwens? De Rift Valley marathon wordt van 12 tot 20 mei 2018 gehouden, op dinsdag 5 september is er een infomatie-avond in Den Haag. Zie ik je daar?



