Gezond boeren-, euh… lopersverstand
‘Gewoon normaal’ doen tijdens het lopen is vaak het beste, zo oordeelt Kristien.
Naar mijn bescheiden mening zijn er enorm veel hypes in het loopgebeuren. Nieuwe inzichten, trends of onderzoeken die ervoor zorgen dat menig prof- of amateurloper helemaal zot wordt en denkt dat de missing link in het uitblijven van zijn of haar prestaties gevonden is.
Maar, net zoals in de showbizzwereld, zijn ook hier heel wat eendagsvliegen te bespeuren want als het gezond verstand het, na die eerste euforie, weer overneemt, kom je vaak tot de conclusie dat ‘gewoon doen’ soms het beste is.
1. Zonder eten aan een pittige loop beginnen
Voor menig persoon met overgewicht klinkt ‘door nuchter te lopen leer je je lichaam overschakelen op vetverbranding’ als muziek in de oren, want had de arts niet gezegd dat je meer aan sport moest doen en dat de hoeveelheid voedsel die je verorberde best gehalveerd werd? Inderdaad, dit heeft kans op slagen als, en daar zit het addertje onder het gras, je je training afstemt op het feit dat je ’s morgens geen brandstof getankt hebt. Niet ontbijten en als een gek tientallen kilometers malen of 35 heuvels op- en afhollen, zal je lichaam meer schade berokkenen dan dat je er voordeel uithaalt. Dus een run zonder havermout, boterhammetjes of fruit vooraf, betekent een rustig loopje over een beperkte afstand bij inspanningsvriendelijke temperaturen en met een flesje water in de hand. Zeg dat ik (en het gezond verstand) het gezegd heb.
2. Alles voor de perfecte foto
Ik vind het wel leuk dat sociale media zoals Facebook en Instagram voor sommigen een motivatie kunnen zijn om zich sportief in te spannen. Niets zo bevredigend om motiverende likes of een dikke duim inclusief ‘whaw’-commentaar te krijgen na een zware training. Moeilijker heb ik het als hier de scheidingslijn tussen doel en middel vervaagt. Jezelf in een hip, flashy outfitje proppen dat langs alle kanten schuurt en ondanks slechts enkele uurtjes slaap voor dag en dauw opstaan om toch die perfecte workoutfoto bij een opgaande zon te trekken? Helemaal mis!
3. Alsmaar je grens verleggen
Ik heb wel een boontje voor Jonathan Levitt, die in tijden van ‘kijk-hoe-leuk-mijn-leven-via-de-sociale-media-is’ het aandurft om op Twitter @RestDayBrags mensen te laten opscheppen over het feit dat ze zalig niets doen. Hij begrijpt niet dat mensen ondanks een blessure, oververmoeidheid of ziekte kost wat kost hun vooropgestelde training willen afronden. Dat kortetermijnonderdeeltje kunnen afvinken lijkt precies belangrijker dan luisteren naar je lichaam en ervoor zorgen dat je langetermijndoelen wel haalbaar zijn. Bizar toch dat wij mensen de voordelen van onze sport soms zo makkelijk aan de kant laten schuiven door ons ego of een, al dan niet, ingebeelde vorm van groepsdruk.
4. Anders is beter
Of het nu over je looppas gaat, de pasfrequentie, hetgeen je eet en drinkt voor, na en tijdens je run, lopers hebben vaak het gevoel dat hetgeen zij doen, niet volstaat. Want er is altijd wel iemand die het anders uitvoert of die iemand kent die ergens gelezen heeft dat…
Op zich lijkt me alles wat je van nature doet, vrij ok. Kinderen hollen uren aan een stuk en heb ik zelden tot nooit horen klagen over scheenbeenvliesontstekingen of stressfracturen. Zolang je niet kampt met blessures, kwaaltjes of andere dingen die jou belemmeren je favoriete sport uit te oefenen, is het misschien niet eens nodig om weet-ik-veel-wat-allemaal aan te passen aan de laatste nieuwe bevinding.
Weet je, anders is gewoon anders en dat is dan vooral prachtig voor… die ander.



