Het ABC van hardlopen: de letter L

Welke hardloopwoorden beginnen met de letter L?

Bij het leven hoort een manier van communicatie, voor de hardloper is dat de loperstaal. En daar hoort een alfabet bij, want dat zijn de bouwstenen van onze taal. Daarom hebben wij een alfabet voor de hardloper. Met deze week de letter L. Want hardlopen is niet alleen een sport, het is een manier van leven. 

 
LAVENDEL
Geneeskrachtig kruid, wordt voorgeschreven bij nerveuze spanningen, slapeloosheid en als wind-, water- en galdrijvend middel. Lavendelolie wordt bovendien gebruikt als inwrijfmiddel en in baden bij reuma, jicht, ischias, nerveuze pijnen e.d. Ook als antisepticum (kiemdodend middel) heeft lavendelolie goede diensten bewezen.
LENIGHEID
Lenigheid is het vermogen en de eigenschap om bewegingen met grote bewegingsuitslag zelf of met ondersteunende invloed van uitwendige krachten uit te kunnen voeren. We onderscheiden algemene en specifieke, actieve en passieve lenigheid. Er is sprake van algemene lenigheid, indien de beweeglijkheid in de belangrijkste gewrichtssyste¬men (schouder-, heupge¬wricht en wervelkolom) op voldoende niveau ontwikkeld zijn. Het gaat hier dus om een relatieve maatstaf, omdat de algemene lenigheid afhankelijk van het activiteitenniveau (vrijetijds- c.q. topsporter), in verschillende mate ontwikkeld kan zijn. Er is sprake van specifieke lenigheid, wanneer zij betrekking heeft op een bepaald gewricht. Bijvoorbeeld het schouderge¬wricht voor de vrije slag-zwemmer en het heupgewricht voor de loper (en in nog grotere mate voor de hordenloper). We ver¬staan onder actieve lenigheid de grootst mogelijke bewegings¬uitslag die de sporter in het gewricht d.m.v. een contractie van de agonisten en de daarmee parallel verlopende rekking van de antagonisten kan realiseren. Onder passieve lenigheid verstaan we de grootst mogelijke bewegingsuitslag in een gewricht, die je onder invloed van uitwendige krachten (partner, extra belastingen e.d.) op de rekking of het ontspanningsvermogen van de antagonisten kan bereiken.
LICHAAMSGEWICHT
Door te gaan sporten (en zeker met een duursport als lopen) kan je je lichaamsgewicht gezond houden. Belangrijker voor de gewichtscontrole is dan ook een juist voedingspatroon. Naast het voorkomen van zwaarlijvigheid moet je namelijk ook voorkomen dat je lichaamsgewicht te extreem afneemt.
LIKDOORN
Een likdoorn is een kegeltje van keihard verhoornd weefsel waarvan de punt naar beneden gericht is en op het uiteinde van een zenuw drukt (welke de pijn veroorzaakt). Harde likdoorns komen op de tenen, onder de hiel en de voorvoet voor. Er zijn speciale viltringen in de handel om de druk van de likdoorn af te halen. Salicylzuur bevattende likdoornpleisters of -tinctu¬ren zullen de harde hoornlaag wat doen verweken. De likdoorn¬behandeling kan je het best overlaten aan een deskundige.
LOGBOEK
Het ‘management’ van je looptrainingen is uitstekend te verzorgen via het bijhouden van de nodige gegevens in een logboek. Zowel de beginnende loper als de geroutineerde wedstrijdloper kan door het verwerken van fysieke en psychische gegevens zichzelf beter leren kennen. Hierdoor zal het trimmen of trainen met meer plezier maar vooral ook meer resultaat kunnen verlopen. Via een logboek en je in staat zoveel mogelijk dagelijkse gegevens te verwerken. Gegevens zoals het aantal uren nachtrust, hoe voel ik me vandaag, hoe lang heb ik gelopen, hoe verloopt mijn herstel na de training etc. De gegevens van voorgaande trainingsdagen en ook rustdagen kunnen een waardevolle steun zijn voor de verdere trainingsplanning.
LONGKRUID
Longkruid wordt gebruikt als prikkelverzachtend en braakmiddel bij verslijming van de ademhalingsorganen.
LOOPSCHOLING
Juist met de ontwikkeling van onze looptechniek is het vaak slecht gesteld. Als kind ervaren we steeds minder bewegingsprikkels die een goede looptechniek kunnen ontwikkelen. Naast de beperkte loopervaring ‘van huis uit’ wordt er ook bij het bewegingsonderwijs op school weinig aandacht aan de ontwikkeling van het lopen besteed. Wanneer we op latere leeftijd via het lopen aan onze gezondheid gaan werken besteden we veelal uitsluitend aandacht aan tijdsduur en afstand van de looptrainingen. Maar willen we het lopen met zo min mogelijk kans op blessures  dan zullen we veelal eerst opnieuw moeten leren lopen. De ontwikkeling van een goede looptechniek kan alleen met een lichaam dat we veelzijdig conditioneel (totale lichaamstraining) en met gerichte ‘loopscholings’vormen op de vele loopkilometers voorbereiden.
De ontwikkeling van een ‘eigen’ looptechniek verloopt via een aantal leerfasen. Het verwerven, verfijnen, stabiliseren en toepassen van een looptechniek behoort aan te sluiten op onze algehele persoonlijke ontwikkeling.  We onderkennen de volgende vier leerfasen:
1. Oriënteringsfase 2. Grove coördinatiefase  3 .Fijne coördinatiefase 4. Automatiseringfase
Onder leiding van een deskundige looptrainer of ervaren loper kunnen we deze leerfasen op gerichte wijze ‘doorlopen’ , om zodoende de eigen loopstijl te verbeteren.
LOOPSTIJL
Iedereen heeft de beschikking over dezelfde biomechanische functies; spieren werken in samenspel met elkaar, spieren die het beenderstelsel bewegen, gewrichten die de lichaamsdelen gelegenheid geven zich te verplaatsen ten opzichte van elkaar. Iedere loper beschikt dus over dezelfde machine. Maar ieder lichaam is verhoudingsgewijs anders van samenstelling. De loopstijl wordt in sterke mate bepaald door de individuele verschillen in lichaamsbouw. Net als een vingerafdruk is de loopstijl individueel. Omdat we allemaal verschillend gebouwd zijn, moeten we nooit de loopstijl van een ander imiteren. Door juist een gevarieerde toepassing van een veelvoud aan looptechnieken zoekt ons lichaam naar een oplossing tot een meer economische eigen manier van lopen.
LOOPTECHNIEK
Onder loopscholing en loopstijl is reeds het belang van een efficiënte looptechniek aangegeven. Voor het ontwikkelen van de looptechniek dienen we inzicht te hebben in de fasen van de loopbeweging en de voornaamste kenmerken daarvan.
L.S.D.
Afkorting van Long Slow Distance. Dit is een trainingsmethode die door de Amerikaan Joe Henderson in 1969 via zijn boek ‘The Long Run Solution’ naar buiten werd gedragen. Deze methode was bedoeld om te zorgen dat duurtrainingen niet te hard zouden gaan, de langere duurlopen op een tempo van in ieder geval één minuut per mijl langzamer, langzamer dan het marathontempo dat 2 minuten per mijl langzamer was dan de kortere baanafstanden. Veelal werd zijn methode te extreem geïnterpreteerd en gingen velen uitsluitend lange langzame duurlopen doen.
LUMBAGO
Lumbago oftewel lage rugpijn bestaat uit steken in de rug. Vaak is de oorzaak van de klachten onduidelijk. Ze kunnen ook te maken hebben met een deel van de signalen die we waarnemen bij een hernia. De klachten zijn er vaak plotseling en komen vaak in samenhang met zwaar tillen, een plotselinge draaibeweging, maar ook wel door eerdere inspanningen. Vooral in de lage rug wordt men stijf. Vaak vertoond de rug een scheve stand ten gevolge van spierspanningen die de rug gefixeerd houden. Indien je gevoelig bent voor de lumbago zijn preventieve rompoefeningen gewenst.
LUCHTWEERSTAND
Door zo dicht mogelijk achter een voorgaande loper te lopen kan men tot waarden van ongeveer 80 procent minder luchtweer¬stand komen.

De beste looptips en inspirerende artikelen elke vrijdag in je mailbox?

Meld je aan voor onze nieuwsbrief en mis niets!

Meer uit Training